Surfster in een mannenwereld: ‘boys, boys, boys..’

Kim Goed vertelt hoe ze zich als surfster staande houdt in een door mannen gedomineerde sport.

Hoewel er ondertussen aardig wat dames ronddwalen in de boardsports is over het algemeen het mannelijk geslacht toch wel wat prominenter aanwezig. Zeker ik als beginnend surfster heb nogal wat hersenspinsels hierover. Zoals een echte dame betaamd gieren die onzekere gedachten door mijn kop. “Zie ik er niet gek uit in mijn wetsuit; heb ik niet te dikke billen? Zie ik er, als ik op mijn plank lig te peddelen, niet uit alsof ik een aangespoelde walrus ben die met zijn te korte flippers zich een weg terug naar de zee probeert te manoeuvreren?”

Ook met wintersport heb ik altijd moeite om mede snowboardsters te vinden. Doorgaans ga ik dan ook met gasten die berg af. En ja, ook dan denk ik…” Ik hoop dat ik niet te langzaam ga. Dat ik die jongens kan bijhouden. Ik hoop dat ik niet achterblijf, zodat ze op mij moeten wachten. Dan zullen ze wel weer denken…ja hoor, het is weer een chick waarop we moeten wachten hoor, pfff. En oh nee..mijn helm af, ik zie er niet uit met mijn haar als een platgereden dode marmot op mijn kop!”

Tja…wie weet wat er allemaal in zo een mannenbrein ronddwaalt, maar ik weet ook dat ons vrouwenbrein ons een beetje in de maling neemt af en toe. Dat we veel te veel nadenken over dat soort kleinzielige onnozelheden.

Dan pak ik die golf, ga staan en blijf staan. Ik hoor achter mij gejuich van de andere zeeliefhebbende surfers. Dan pak ik mijn eerste kicker en kom neer alsof ik op zachte wolken land en glijd zo door alsof er niets aan de hand is, met een ‘whoohoo’ op de achtergrond van de afwachtende freestylers. Dan smelten al die hersenspinsels weg als sneeuw voor de zon. Dan maakt die marmot op mijn hoofd niet meer uit. Dan ben ik geen walrus meer, maar een zwevend zeepaardje! Dan merk ik dat het eigenlijk niet allemaal niet uitmaakt, maar dat je allemaal dezelfde gedachten hebt over het waarom je op je plank of board staat en we allemaal die liefde voor de zee, de bergen en de rest van de natuur delen.

Toch vraag ik me af of de mannen ook wel eens dit soort gedachten hebben, wellicht zou ik het eens moeten vragen? Of wacht…zal hij dat geen stomme vraag vinden? Oh nee..daar ga ik weer 😉